Zachte appelringen in krokant beslag met kaneel zijn een eenvoudig en onweerstaanbaar geurend dessert dat in een paar minuten op tafel staat. Van buiten krijgen ze een goudbruine, knapperige laag, van binnen blijven de appels sappig met een warme kruidige toets. Serveer ze bij thee, koffie of warme chocolademelk, bestoven met poedersuiker — puur genieten.
Ingrediënten
- Appels — 3 stuks
- Tarwebloem — 120 g
- Melk — 120 ml
- Ei — 1 stuk
- Suiker — 2 el
- Gemalen kaneel — 1 tl
- Bakpoeder — 1 tl
- Vanillesuiker — 1 tl, optioneel
- Zout — snufje
- Plantaardige olie om te bakken — 200–300 ml
- Citroensap — 1 el
- Poedersuiker om te bestrooien — 2 el
Bereiding
- Was de appels, verwijder het klokhuis met een appelboor of mesje en snijd ze in ringen van ongeveer 6–8 mm dik. Besprenkel de plakjes met citroensap zodat ze niet verkleuren.
- Meng in een kom de bloem, bakpoeder, een snufje zout, kaneel en suiker. Roer goed door met een garde.
- Klop in een andere kom het ei los met de melk en voeg eventueel de vanillesuiker toe.
- Giet het vloeibare mengsel bij de droge ingrediënten en klop tot een glad beslag. De structuur moet lijken op dikke room; voeg zo nodig een beetje bloem of melk toe.
- Verhit de olie in een brede koekenpan tot 170–175 °C. Heb je geen thermometer, laat dan een druppel beslag in de olie vallen: die moet meteen sissen en naar boven komen.
- Dompel de appelringen in het beslag, laat het teveel afdruipen en bak ze in porties 1–2 minuten per kant tot ze goudbruin zijn.
- Leg de gebakken ringen op keukenpapier zodat overtollige olie kan uitlekken.
- Serveer ze warm en bestrooi met poedersuiker. Voeg desgewenst karamelsaus, honing of gesmolten chocolade toe.
Voedingswaarde per portie
| Calorieën | 294 kcal |
| Eiwitten | 5,5 g |
| Vetten | 9,8 g |
| Koolhydraten | 47,3 g |
| Vezels | 2,7 g |
| Suikers | 17 g |
| Natrium | 150 mg |
📹 Bekijk de videorecept in ons Telegram-kanaal: @makkelijke_recepten
Tips en variaties
- Kies stevige, lichtzure appels: Elstar, Jonagold of Granny Smith houden hun vorm uitstekend.
- De dikte van de plakjes is belangrijk: te dun wordt snel zacht, te dik warmt niet goed door.
- Het beslag moet glad zijn en niet te snel van de appel lopen — pas de dikte aan met melk of bloem.
- De olietemperatuur is de sleutel tot krokantheid: bij 170–175 °C kleuren de ringen gelijkmatig en nemen ze minder vet op.
- Zonder ei: vervang het door 2 el ongezoete appelmoes. Zonder melk: gebruik water of plantaardige melk.
- In de oven: leg de ringen op een met bakpapier beklede bakplaat, bestrijk licht met olie en bak ze op 200 °C 12–15 minuten goudbruin, halverwege keren.
- In de airfryer: bak ze op 190 °C 8–10 minuten en keer halverwege.
- Garnering: kaneelsuiker, honing, gezouten karamelsaus, yoghurt, noten of pure chocolade.
Serveren en bewaren
Serveer direct, zolang de appelringen nog knapperig zijn. Zijn er wat over, warm ze dan 4–5 minuten op in de oven op 180 °C. Langer dan een dag bewaren wordt afgeraden, omdat het dessert dan zijn fijne textuur verliest.
Veelgestelde vragen
Welke appels zijn het beste voor appelringen in beslag?
Stevige, lichtzure rassen zijn ideaal: Granny Smith, Elstar of Jonagold. Ze blijven mooi in vorm en geven een fijne balans tussen zoet en fris.
Kan ik dit maken zonder ei of zonder melk?
Ja. Vervang het ei door 2 el ongezoete appelmoes en de melk door water of plantaardige melk. De buitenkant blijft krokant en de smaak wordt zacht en fruitig.
Hoe maak ik het minder vet?
Bak op een stabiele temperatuur van 170–175 °C en laat de ringen uitlekken op keukenpapier. Je kunt ze ook in de oven of airfryer bereiden, dan heb je aanzienlijk minder olie nodig.